Regionale stakingen op het spoor hebben invloed op het hele land, dit is waarom

Als een collega die het overneemt uit het stakingsgebied komt, ontstaat er een probleem. “Zonder deze collega’s kunnen we de treinen niet laten rijden.” Aangezien de stakingsgebieden best groot zijn, staken er veel collega’s tegelijk. “Dat recht hebben ze en daar geven we ze de ruimte voor”, zegt Van Leeuwen.

“De impact van een regionale staking kan dus groot zijn. Als we niets zouden doen weten wij pas kort voordat een trein vertrekt zeker of een conducteur en machinist de trein gaan rijden. Dan staan reizigers al op het perron te wachten.”

Als er gestaakt wordt in een bepaald gebied, hoeft het treinverkeer niet altijd landelijk stilgelegd te worden. “Dan rijden we niet in de stakingsgebieden”, legt Van Leeuwen uit. “De treindienst in de rest van het land wordt zoveel mogelijk aangepast. Omdat personeel uit het stakingsgebied beperkt of niet kan worden ingezet, rijden we daar niet. “Door de treindienst in de rest van het land van tevoren al aan te passen, kunnen we een voorspelbare en betrouwbare reis aanbieden en zorgen dat reizigers voor vertrek weten wat wel of niet rijdt. Daarmee voorkomen we volle perrons, wat zorgt voor onveilige situaties, of dat een reiziger strandt.”

Midden van het land
Als er wordt gestaakt in Midden-Nederland (Utrecht, Amersfoort, Gouda en Hoofddorp), dan raakt dit het hart van onze operatie. Een groot deel van onze treinen rijdt door de provincie Utrecht. Daarnaast wordt vanuit Utrecht het landelijke NS-treinverkeer aangestuurd. “Bijvoorbeeld collega’s die werken in het Operationeel Controle Centrum Rail (OCCR) in Utrecht en de ‘helpdesk’, een soort telefonische ANWB voor machinisten, zit in Utrecht. Zonder de landelijke aansturing en deze ‘helpdesk’ in Utrecht kunnen wij geen veilige en voorspelbare treindienst garanderen en dus heeft deze staking tot gevolg dat we landelijk geen treinen kunnen rijden.”

Pendelen
Pendeldiensten opzetten in de andere regio’s is dan ook geen optie. “Daar heb je echt die landelijke aansturing zoals de ‘helpdesk’ voor nodig. Daarnaast is pendelen bedoeld om mensen thuis te krijgen, maar niet om de gehele dag een betrouwbare dienst te rijden. Reizigers lopen dan het risico te stranden en dat willen we niet.”

Waarschuwing
Toch waarschuwt Van Leeuwen: “Als er in het zuiden gestaakt wordt, rijdt de trein van Alkmaar naar Maastricht tot Utrecht Centraal. Daar moet de trein dan keren. En dat is soms een probleem. Utrecht Centraal is niet ingericht om talloze treinen te laten keren, want dat hoeft door onze lange lijnvoering immers nooit daar. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor Leiden Centraal.” Dus op een stakingsdag is er altijd invloed op de rest van het land. 

“Ook kunnen reizigers in gebieden waar geen treinverkeer is wel treinen zien rijden. Met het personeel dat niet staakt proberen wij onze treinen alvast op de juiste plaats klaar te zetten voor de volgende dag, zodat we de hinder zoveel mogelijk beperken. Daarnaast zullen diverse internationale treinen wel vertrekken en aankomen, omdat deze gereden worden door onze buitenlandse collega’s.”

Bussen
Bussen rijden tijdens een staking zijn geen alternatief, zegt Van Leeuwen. “Wanneer treinen uitvallen in een groot gebied is het niet haalbaar om bussen te laten rijden. Het aantal reizigers dat daarvan gebruik zou willen maken is simpelweg te groot. Een trein is een zeer efficiënt vervoersmiddel. In een Intercity passen 1000 reizigers, in een bus 50. Dan hebben we enorm veel bussen nodig en die zijn er simpelweg niet.”

Lange lijnen
Treinen van NS rijden dus het hele land door. Van Maastricht kun je bijvoorbeeld naar Alkmaar zonder over te stappen. Van Leeuwen legt uit hoe dat komt: “In tegenstelling tot andere landen kent Nederland niet één dominant stedelijk gebied waar werkgelegenheid en onderwijs zich centreren. Denk bijvoorbeeld aan Parijs in Frankrijk. Daar moet ’s ochtends iedereen heen en ’s avonds weer iedereen weg. Daar richten de Franse spoorwegen (SNCF) hun dienstregeling dan ook op in.”

“Nederland is één samenhangend netwerk van wonen, werken, leren en ontspannen. Ons land bestaat veel meer dan andere Europese landen uit meerdere commerciële- en kenniscentra. Amsterdam is de hoofdstad, maar de regering zetelt in Den Haag en voor innovatie moet je bijvoorbeeld weer naar Eindhoven. Wat je wel eens hoort, is waar: Nederland is eerder een grote stad dan een klein land. Niet alle Bosschenaren werken in Rotterdam en niet alle Groningers willen naar Amsterdam. Eigenlijk kun je zeggen dat iedereen in Nederland overal naartoe moet. En daar richt NS haar netwerk met lange lijnen op in.”

Een groot voordeel is dat NS hiermee zowel de infrastructuur als het treinmaterieel optimaal benut. Door de lange lijnvoeringen hoeven er maar weinig treinen te keren in Utrecht en dat scheelt perroncapaciteit en dus ruimte op Utrecht Centraal, een plek middenin de stad waar ruimte beperkt is. Daarnaast zorgt het er ook voor dat 80 procent van onze reizigers niet hoeft over te stappen.”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *